Menu Zoeken

Social media

Het inzetten van social media is eigenlijk een vorm van mond tot mondreclame. Stimuleren dat er over je gepraat wordt. Als fotograaf heb je hierbij overigens een enorm voordeel. Foto's en video's zijn bij uitstek onderwerpen die mensen willen delen of waar ze op reageren. Daar is veel onderzoek naar gedaan, het blijkt dat berichten met beeld het meeste effect scoren en met name video's de potentie hebben om het meeste verkeer te genereren of zelfs 'viraal' te gaan. Het 'delen' van meningen, artikelen, foto's en video's is dus de motor voor social media. Het beschermen van copyright is in dit 'sharing model' vrijwel onmogelijk en werkt zelfs remmend. Besef dus goed wat je wel of niet deelt maar deel datgene wat je wilt delen vooral kwistig.

Friends en Newsfeeds

Populaire netwerken als Facebook, Hyves en LinkedIn zijn zogenaamde 'friending networks'. Je moet vrienden maken om effectief gebruik te maken van deze netwerken. Zonder vrienden is het hier letterlijk een dooie boel. Deze netwerken maken gebruik 'News Feeds'. Je ziet in zo'n feed de berichten voorbijkomen die jouw vrienden met je 'delen'. Op zo'n bericht kun je reageren of het op jouw beurt opnieuw delen zodat ook jouw vrienden (en de 'vrienden van jouw vrienden') het bericht eveneens te zien krijgen. Daar zit 'm ook de virale kracht. Gemiddeld heeft elke gebruiker zo'n 150 vrienden. Een bericht waar actief op gereageerd wordt zal dus al snel door een paar duizend mensen gezien worden. Bij virale berichten lopen die aantallen al snel op naar de tien- tot honderdduizend.

Twitter is een uitzondering op dit vriendschapsmodel. Dit netwerk maakt gebruik van volgers waarbij de tegenpartij weliswaar op de hoogte wordt gesteld dat iemand hem of haar volgt, maar geen actie hoeft te ondernemen om die relatie te bevestigen. Dat betekent dat veel Twittergebruikers vaak veel meer dan 150 volgers hebben en het effectieve bereik van interessante berichtjes hier vele malen groter kan zijn. Steeds vaker bewijst Twitter zich als ideaal netwerk voor 'breaking news'. Nadeel is dat de newsfeed van dit netwerk een onoverzichtelijke stroom aan informatie kan zijn waarbij je als gebruiker moet leren om te filteren. Een tweede nadeel voor fotografen is dat Twitter niet standaard een foto of video 'inline' zal tonen. Tweets zijn zogeheten micro-messages die maximaal 140 karakters kunnen bevatten waarbij een foto of video als een link wordt opgenomen. Veel twitter programma's kunnen die link vervolgens ophalen en direct bij het bericht tonen, maar dat doen ze lang niet allemaal.

Google heeft als laatkomer goed gekeken naar de successen van bovenbeschreven netwerken om hier een interessante combinatie uit te destileren. Google+ is nieuw netwerk dat als een combinatie van Twitter en Facebook omschreven kan worden. Evenals bij Twitter kun je hier mensen volgen zonder dat zij de vriendschap eerst dienen te bevestigen. De personen die je volgt kun je vervolgens onderverdelen in handige groepen die Google 'circles' heeft gedoopt. Het voordeel van deze benadering is dat fanatieke gebruikers in Google+ snel een heel groot netwerk op kunnen bouwen en er actiever op berichten wordt gereageerd dan bijvoorbeeld bij Facebook. Toch oogt de newsfeed van Google+ net zo overzichtelijk als die van Facebook waarbij foto's en video's uitstekend tot hun recht komen. Bijkomend voordeel voor fotografen is dat Google gebruik maakt van Picasa voor het beheren van foto's in galleries.

Keuzes maken

Wie social media actief wil inzetten moet wel een paar belangrijke beslissingen nemen. Een doordacht plan van aanpak is absoluut zinvol voordat je in het diepe springt.

Allereerst is daar de keuze van het in te zetten sociaal netwerk zelf. Facebook is op dit moment het meest geschikte netwerk voor fotografen. Niet alleen omdat het met een kleine miljard gebruikers het grootste ter wereld is, maar ook omdat het ideaal is voor het presenteren van foto's in albums.

Google+ is langzamerhand een serieus alternatief voor Facebook en beschikt vanwege de Picasa integratie over zelfs nog beter beheersbare fotoalbums. Toch blijven veel experts vooralsnog overtuigd van de leidende rol van Facebook. Google+ groeit hard maar kan zich nog lang niet meten aan het fenomenale bereik van Facebook.

Twitter is eveneens een populair platform maar is wellicht minder handig voor fotografen. Misschien dat fotojournalisten het nieuwswaardig karakter van dit netwerk goed kunnen inzetten, maar voor een reclame of bedrijfsfotograaf is het lastig om de toegevoegde waarde te ontdekken. Dat heeft o.a te maken met het feit dat veel Twitter programma's de 'tweets' die een bijgesloten foto bevatten niet direct weergeven, maar enkel presenteren middels een link. Binnen Facebook of Google+ wordt de foto in vol ornaat bij het bericht getoond...

Meten is weten

De keuze voor het inzetten van een of meerdere van deze platformen is mede afhankelijk van hetgeen je wilt bereiken. Waar zitten je klanten? Wat wil je zelf bereiken? Wil je vooral veel nieuwe klanten naar je website trekken omdat je bijvoorbeeld een publieksfotograaf bent? Of ben je juist op zoek naar een klein maar waardevol netwerk waar je juist met strategische beslissers in contact wil komen? In het eerste geval zou Facebook weleens een betere optie kunnen zijn, in het laatste geval is LinkedIn misschien effectiever. Beide platformen inzetten kan natuurlijk ook, maar bedenk daarbij wel dat het tijd kost om verschillende netwerken te onderhouden. Probeer in ieder geval al doende te meten hoe effectief je inzet is. Zo kun je bijvoorbeeld in Google Analytics meten hoeveel verkeer naar je website vloeit vanaf sociale netwerken. Daarnaast zijn er verschillende diensten zoals Hootsuite die het effect van je social media activiteiten kunnen meten...

Persoonlijkheid en Privacy

Als je nog niet (of niet actief) begonnen bent met social media is de belangrijkste keuze die je moet maken de vraag of je jezelf als 'bedrijf' wilt profileren of dat je jezelf middels een persoonlijk profiel gaat presenteren.

LinkedIn is een netwerk voor personen, al kun je hier aangeven dat je samen met een aantal collega's voor een specifiek bedrijf werkt waarbij je ook beperkt enige basisinformatie over het bedrijf kunt opgeven.

Facebook en Google+ geven je de mogelijkheid om naast een persoonlijk profiel ook een bedrijfspagina aan te maken en berichten te posten uit naam van het bedrijf. Twitter heeft die optie recentelijk toegevoegd, maar alleen voor geselecteerde bedrijven.

Waar je ook voor kiest, iedereen zal altijd eerst een persoonlijk profiel moeten aanmaken. Belangrijk is om hiervoor altijd je echte naam te gebruiken en niet je bedrijfsnaam. Als je eenmaal een persoonlijk profiel hebt aangemaakt kun je eventueel een bedrijfspagina aanmaken. Het persoonlijke profiel is dan tevens de eigenaar van die bedrijfspagina en kun je hier vervolgens andere medewerkers als medebeheerders toevoegen.

Bedrijfspagina

De vraag of je een extra pagina voor je bedrijf moet aanmaken is wel van wezenlijk belang. Bedrijfspagina's zijn bedoeld voor bedrijven die meerdere medewerkers hebben die gezamenlijk de pagina onderhouden. Vergis je niet in de hoeveelheid werk als je kleine zelfstandige zowel een persoonlijk profiel als een bedrijfspagina moet bijhouden.

Er zijn echter wel paar belangrijke voordelen voor het bouwen van een 'merk' met behulp van een bedrijfspagina. Bijvoorbeeld wanneer je afhankelijk bent van een publieke vestiging zoals een winkel. In dat geval kun je een bedrijfspagina koppelen aan een locatie zodat bezoekers hier kunnen inchecken. Daarnaast kun je het bereik van je bedrijfspagina meten met Facebook Insights of Google Analytics.

Vuistregel is dat social media bovenal om personen gaat zodat je het beste eerst aan een persoonlijk profiel kunt werken om ervaring op te doen. Een bedrijfspagina aanmaken is raadzaam maar kan altijd nog...

Tekst: Fred van den Ende